Twin Peaks seizoen 3 - Ja het is wel David Lynch hè?

Voordat ik het derde seizoen van Twin Peaks van Showtime ging kijken en herinneringen aan de vorige twee seizoenen ophaalde, zat ik al een beetje te dromen over wat ik allemaal in dit blog zou gaan schrijven. Ik stelde mij zo voor een betoog te houden over hoe ik op jonge leeftijd (ik mocht speciaal voor Twin Peaks later naar bed) elke zondagavond aan de buis gekluisterd zat en dat ik had gehoord dat er iemand een t-shirt had, waar I killed Laura Palmer op stond, wat ik op dat moment zo ontzettend tof vond dat ik het eigenlijk niet geloofde.

Maar nu ik het derde seizoen heb gezien snap ik dat dat helemaal nergens op zou slaan om mijn jeugd of verlangens naar vervlogen tijden erbij te trekken. Ja, ik weet ik ook wel dat ik dat net wel een beetje heb gedaan, maar de suggestie wekken dat een derde seizoen van Twin Peaks zou voortborduren op gevoelens van nostalgie of zich zou beperken tot ‘mijn doelgroep’ is gewoon lariekoek.

Twin Peaks de derde heeft mij namelijk alle hoeken van de kamer laten zien. Ik ben me kapot geschrokken, heb me ook kapot gelachen, en ben een paar keer best een beetje misselijk geweest. Ook heb ik zeker twee minuten geboeid gekeken naar een man die een vloer aan stond te vegen (deed iedereen trouwens zijn werk maar met die precisie) en ben ik een paar keer (best vaak eigenlijk) volslagen flabbergasted geweest. En ja, natuurlijk heb ik ook warme gevoelens gevoeld bij het weerzien van veel oude bekenden (en David Bowie) en hun curieuze gewoontes.

Twin Peaks voelt vaak naast vreemd of raar, een beetje ongemakkelijk aan. Ik denk dat dat ook een resultaat is van de vaak ongebruikelijke timing. Wanneer er bijvoorbeeld dialogen langer duren dan je zou verwachten of processen, zoals het eerder genoemde vegen van de vloer, maar door lijken te gaan, trekt dat langdradige de hele sfeer in het ongemakkelijke, wat in mijn beleving juist nog meer spanning oplevert. 

SPOILERS OP DE VALREEP

Misschien heeft dat ergens oncomfortabele gevoel er ook aan bijgedragen dat ik eigenlijk de hele serie constant op scherp heb gestaan. Niet dat dat iets uitmaakt, want een aflevering kijken van Twin Peaks betekent voor mij volledig overgelaten zijn aan “een iets” dat daar is wat ik juist nooit zal snappen. Het is een soort trip, waar je de volledige controle bij bent verloren met een verhaal dat tegen de regels van begrijpelijke logica indruist en geen een rode draad bevat, maar eerder een stuk of dertig. En die trip, gemaakt van onder andere spanning om te snijden, surrealistische voorstellingen die allerlei gevoelens lospeuteren, de mantra “Got a light?” en een paar lachstuipen om Cooper die na het verlaten van de lodge voor zijn dubbelganger Dougie Jones wordt aangezien, als die tuinier uit Being There onbedoeld mensen om zich heen tot de grootste inzichten laat komen, moet je gewoon uitzitten.

Ik heb me trouwens ook opgelucht gevoeld door te zien hoe Coop, gedreven door een oergevoel, als een magneet op een bak koffie reageert. Want ondanks dat het vermakelijk is om te zien hoe hij als een soort groot kind leert door imitatie hoe te leven buiten de Lodge, maakte ik me wel eens zorgen over zijn progressie en of ik “de echte” en rasoptimist Dale Cooper nog wel terug zou zien.

En natuurlijk zat ik er ook helemaal naast met dat zogenaamde leerproces, er zat gewoon nog een stukje Cooper in het stopcontact.

Ja het is wel David Lynch hè?

Reactie schrijven

Commentaren: 0

Meer Studio Lasogne...


Op de teksten en afbeeldingen van deze site berust auteursrecht